In welke landen moet je patent aanvragen?

13 min leestijd Het blog van de oprichter

De duurste internationale patentstrategie is ook de makkelijkste om uit te leggen: dien in ieder land in dat belangrijk klinkt.

Dat voelt ambitieus, maar meestal betekent het dat er geen echte keuze is gemaakt.

Een patent heeft alleen waarde als het gedrag van een concurrent, leverancier of afnemer erdoor kan veranderen. Zijn je klanten er niet, kun je er geen concurrent tegenhouden, loopt je toeleveringsketen er niet doorheen en wegen de handhavingsmogelijkheden niet op tegen de kosten? Dan is het patent in dat land waarschijnlijk vooral een terugkerende kostenpost.

Het eerlijke antwoord op “Waar moet ik patent aanvragen?” is daarom:

Dien alleen in waar exclusiviteit de omzet wezenlijk kan beschermen, een belangrijke concurrent kan tegenhouden of invloed geeft op een essentiële productie- of importroute.

Voor veel startups levert dat een portfolio van twee tot vier serieuze markten op, geen vlaggencollectie.

Er is geen wereldoctrooi

Octrooirechten zijn territoriaal. Een Amerikaans octrooi geeft de houder op grond van de Amerikaanse wet onder meer het recht om de invoer van producten die onder de conclusies vallen tegen te houden, maar schept geen octrooirechten in een ander land. De USPTO beschrijft die territoriale werking rechtstreeks. Een Europees octrooi dat in geselecteerde Europese staten van kracht is, heeft geen werking in Japan. Een Chinees octrooi geeft de houder geen rechten in Korea.

Het Patent Cooperation Treaty verandert daar niets aan. Een PCT-aanvraag is een gecoördineerde internationale aanvraagroute voor 158 verdragsluitende staten. De route geeft je meer tijd, levert een internationaal nieuwheidsonderzoek op en houdt opties open. De aanvraag wordt echter nooit één wereldwijd patent.

Uiteindelijk moet de aanvrager kiezen welke nationale of regionale fasen worden voortgezet. Daarbij horen per gebied taksen, eventuele vertalingen, lokale vertegenwoordigers en de regels van de betreffende patentinstantie.

Internationale portefeuilles concentreren zich vaak rond een kleine groep systemen. Volgens WIPO ontvingen de vijf grootste patentinstanties in 2024 samen 85,5% van alle patentaanvragen wereldwijd: China, de Verenigde Staten, Japan, Zuid-Korea en het Europees Octrooibureau (EOB). We behandelen het Verenigd Koninkrijk apart, omdat je daar zowel rechtstreeks als via de EOB-route bescherming kunt verkrijgen.

Horizontaal staafdiagram met 1,83 miljoen patentaanvragen bij het Chinese kantoor, 603.194 in de Verenigde Staten, 306.855 in Japan, 246.245 in Zuid-Korea en 199.402 bij het Europees Octrooibureau in 2024
Octrooiaanvragen voor uitvindingen ontvangen door de vijf grootste bureaus in 2024. Aanvragen voor gebruiksmodellen zijn uitgesloten. Bron: WIPO, World Intellectual Property Indicators 2025.

Daarom vergelijkt deze gids deze vijf systemen met Groot-Brittannië. Het is geen aanbeveling om ze alle zes in te dienen.

Begin met vijf zakelijke vragen

Breng eerst het bedrijf in kaart en vergelijk daarna pas de patentstelsels. Stel deze vijf vragen in deze volgorde.

1. Waar wordt de winst verdiend?

Tel geen landen mee. Tel de omzet of strategische waarde die een concurrent zou kunnen behalen.

Een markt die 45% van de verwachte marge vertegenwoordigt verdient meer aandacht dan vijf landen die samen 2% vertegenwoordigen. Voor een medisch hulpmiddel kan het waardevolle gebied volgen op terugbetaling en goedkeuring door de regelgevende instanties. Voor bedrijfssoftware kan dit het hoofdkantoor en de inkoop volgen. Voor industriële apparatuur kan een klein land met twee dominante kopers belangrijker zijn dan een grote consumentenmarkt.

2. Waar kan een concurrent worden gestopt?

Het beste handhavingspunt is misschien niet waar de klant woont.

Als een rivaal het hele product in één land vervaardigt en wereldwijd exporteert, kan een nuttig recht daar de hele toeleveringsketen beïnvloeden. Invoerrechten kunnen een belangrijke bestemmingsmarkt waardevol maken, zelfs als de productie elders plaatsvindt. Een land waar noch de rivaal, noch het product een betekenisvolle aanwezigheid heeft, biedt weinig invloed.

3. Past het rechtsgebied bij de technologie?

De regels voor patenteerbaarheid en de praktijk rond conclusies verschillen per gebied.

Software, diagnostiek, biotechnologie, bedrijfsmethoden en bepaalde AI-uitvindingen kunnen tussen kantoren een wezenlijk verschillende behandeling krijgen. China en Japan bieden gebruiksmodelsystemen voor kwalificerende productstructuren, terwijl de VS en EPO geen gelijkwaardige algemene route aanbieden. Europa is bijzonder streng als het gaat om het toevoegen van onderwerpen na indiening. De Amerikaanse voortzettingspraktijk biedt meer flexibiliteit om aanvullende conclusiesets na te streven op basis van een ondersteunde openbaarmaking.

Je indieningsstrategie moet dus niet alleen bij de markt passen, maar ook bij de uitvinding.

4. Zou je je rechten daar daadwerkelijk handhaven?

Een patent geeft je een uitsluitend recht, maar niemand handhaaft dat automatisch voor je.

Vraag of rechtbanken een nuttig bevel of schadevergoeding kunnen geven, hoe lang een geschil kan duren, of er bewijsmateriaal kan worden verkregen en of de waarschijnlijke gedaagde over activa of activiteiten beschikt die een oordeel zinvol maken. De lokale procedure en kosten kunnen net zo belangrijk zijn als de woorden in de claim.

5. Kun je de kosten over de volledige looptijd dragen?

De officiële indieningstaksen zijn vaak maar een klein deel van het totale budget. Opstellen, vertalen, lokaal advies, reacties tijdens het onderzoek, validatie, verlening en vernieuwing kosten doorgaans meer.

Een duur land kiezen is niet per definitie een fout. Zes nationale fasen ingaan en er twee jaar later vier opgeven omdat niemand de verdere procedure had begroot, is dat wel. In onze gids over patentkosten lees je waarom elk extra land de totale kosten sterk verhoogt.

De zes systemen in één oogopslag

SysteemSterkste strategische redenGemeenschappelijke valOnderscheidende route of kenmerk
Verenigde StatenGrote omzet, import, investeerders of licentiehoudersDe Amerikaanse respijtperiode behandelen als een internationale strategieVoorlopige aanvragen en voortzettingspraktijk
EPOMeerdere commercieel belangrijke Europese landenEPO, EU en unitair octrooi met elkaar verwarrenCentraal onderzoek, daarna nationale validatie of unitaire werking
ChinaProductie, import, lokale verkoop of Chinese concurrentenAlleen een uitvindingspatent overwegen terwijl de productstructuur ook een gebruiksmodel kan ondersteunenGebruiksmodellen voor geschikte productvormen en -structuren
JapanWaardevolle technische markt of sterke industrieconcentratieEen aanvraag voor een ander gebied te letterlijk vertalenRegistratie van geschikte gebruiksmodellen zonder inhoudelijk onderzoek
Zuid-KoreaHalfgeleiders, elektronica, batterijen, auto’s of materialenKorea behandelen als generieke “Azië-dekking”Onderzochte octrooien en gebruiksmodellen, met uitgesteld onderzoek mogelijk
Verenigd KoninkrijkKlanten, concurrenten, onderzoek of handhaving in het VKAlleen indienen omdat de officiële taksen relatief laag zijnRechtstreekse indiening of bescherming in het VK via de EOB-route

Verenigde Staten: omzet, flexibele verleningsprocedure en dure geschillen

De VS zijn vaak de eerste commerciële keuze voor software, medische technologie, consumentenproducten en durfkapitaalbedrijven vanwege de omvang van de markt, de licentieactiviteiten en de bekendheid bij investeerders.

Het biedt ook indieningstools die de internationale strategie vormgeven. Een Amerikaanse voorlopige aanvraag kan een vroege datum voor ondersteunde onderwerpen vaststellen. Door de voortzettingspraktijk kan een aanvrager aanvullende conclusies indienen terwijl een gerelateerde aanvraag in behandeling blijft. Kleine en micro-entiteiten ontvangen aanzienlijke tariefverlagingen op grond van het huidige tariefschema USPTO.

Er zijn ook duidelijke nadelen. Patentgeschillen zijn duur en voor bepaalde conclusies over software, diagnostiek en bedrijfsmethoden blijft patenteerbaarheid lastig. De Amerikaanse respijttermijn kan bovendien schijnzekerheid geven: na een eigen openbaarmaking zijn in de VS soms nog beperkte rechten mogelijk, terwijl de mogelijkheden in strengere landen diezelfde dag verloren kunnen gaan.

Kies de VS wanneer: de inkomsten, investeerders, licentiehouders, concurrenten of importactiviteiten een Amerikaans uitsluitingsrecht commercieel belangrijk maken.

Kies de VS niet alleen omdat: het bedrijf in Delaware is gevestigd of iedere startup daar lijkt in te dienen.

Europa: één onderzoek, meerdere keuzes na verlening

Het Europees Octrooibureau biedt aanvragers één centraal onderzoeksproces. Momenteel telt het 40 lidstaten, waaronder het Verenigd Koninkrijk en landen buiten de Europese Unie.

Na verlening valt “Europa” uiteen in verschillende keuzes:

  • Een klassiek Europees patent kan in geselecteerde lidstaten gevalideerd worden.
  • Een Unitair Octrooi biedt momenteel uniforme bescherming in 18 deelnemende EU-landen.
  • Traditionele validaties kunnen worden gecombineerd met unitaire werking voor landen buiten het Unitary Patent, inclusief Groot-Brittannië.

Daarom is “in de EU indienen” geen volledige instructie. Het EOB, de Europese Unie, het Unitair Octrooi en het Unified Patent Court overlappen, maar zijn niet hetzelfde.

In Europa is een volledige eerste beschrijving extra belangrijk. Door de strenge regels voor toegevoegde materie kun je ontbrekende combinaties tijdens het onderzoek moeilijk herstellen. Er geldt bovendien geen algemene respijttermijn voor uitvinders; artikel 55 van het Europees Octrooiverdrag kent slechts enkele beperkte uitzonderingen.

Kies de EOB-route wanneer: meerdere Europese markten belangrijk zijn, één centraal onderzoek efficiënter is dan afzonderlijke nationale aanvragen, of Europese productie en concurrenten bescherming strategisch waardevol maken.

Ga er niet van uit: dat een door het EPO verleend octrooi automatisch elk Europees land dekt, of dat een unitair octrooi het Verenigd Koninkrijk, Spanje, Polen of elke EU-lidstaat omvat.

China: markt, productie en een tweede soort recht

China is zowel het grootste nationale patentaanvraagsysteem ter wereld als een cruciaal productiegebied. Als het om hardware, elektronica, machines, medische apparaten, batterijen, materialen en consumentenproducten gaat, kan het negeren hiervan de productiekant van het bedrijf blootleggen, zelfs als de meeste klanten zich elders bevinden.

China kent zowel uitvindingspatenten als gebruiksmodellen. Aanvragen voor uitvindingspatenten worden gepubliceerd en inhoudelijk onderzocht; gebruiksmodellen ondergaan alleen een voorlopig onderzoek. Gebruiksmodellen zijn beperkt tot geschikte vormen of structuren van producten, hebben een looptijd van tien jaar en kunnen sneller worden verleend. Laat de geldigheid wel zorgvuldig beoordelen voordat je ze handhaaft. Het officiële overzicht van CNIPA beschrijft beide routes.

Sommige aanvragers dienen een uitvindingsoctrooi en een gebruiksmodel in voor dezelfde productstrategie, met inachtneming van de regels tegen dubbele bescherming. Dit kan een eerder verleend recht combineren met het nastreven van het octrooi op de uitvinding op langere termijn. Het is niet geschikt voor elke technologie, vooral niet voor methoden en puur op software gebaseerde uitvindingen.

Buitenlandse aanvragers zonder gewone verblijfplaats of kantoor op het vasteland van China hebben doorgaans een erkend Chinees octrooibureau nodig.

Kies China wanneer: productie, import, lokale verkoop, licentieverlening of Chinese concurrenten zo belangrijk zijn dat een Chinees uitsluitingsrecht het risico verandert.

Kies China niet alleen omdat: er enorm veel aanvragen worden ingediend. Een hoog aanvraagvolume zegt niets over jouw markt.

Japan en Zuid-Korea: geconcentreerde waarde in technische industrieën

Japan en Zuid-Korea zijn onevenredig belangrijk op het gebied van elektronica, halfgeleiders, beeldschermen, batterijen, autotechnologie, robotica, materialen en precisieproductie.

In Japan kun je het inhoudelijke onderzoek tot drie jaar na indiening aanvragen. Ook in Zuid-Korea kan het onderzoek binnen het daar geldende systeem worden uitgesteld. Dat biedt strategische ruimte: je dient eerst in om de optie open te houden en vraagt onderzoek aan zodra marktgegevens of concurrentie de volgende kosten rechtvaardigen. Goede vertalingen en lokale conclusiepraktijk zijn belangrijk; een op het laatste moment letterlijk vertaald Engels concept is hier riskant.

Japan hanteert ook een niet-onderzocht registratiesysteem voor gebruiksmodellen voor het kwalificeren van de vorm of constructie van artikelen. De JPO legt de verschillen uit, inclusief de driejarige deadline voor het aanvragen van octrooionderzoek.

Zuid-Korea onderzoekt zowel patenten als gebruiksmodellen inhoudelijk en kent een aparte procedure voor uitgesteld onderzoek. Het Korean Intellectual Property Office publiceert de actuele procedure- en verleningstaksen; het overzicht van de onderzoeksprocedure licht de uitgestelde route toe.

Kies Japan of Korea wanneer: de markt, toeleveringsketen, onderzoeksecosysteem of genoemde concurrenten geconcentreerde technische waarde creëren.

Voeg ze niet automatisch toe: als generieke ‘Azië-dekking’. Japan, Korea en China zijn afzonderlijke rechten met verschillende commerciële redenen.

Verenigd Koninkrijk: een gerichte nationale route en een EPO-optie

Het Verenigd Koninkrijk kan worden bereikt via een directe UKIPO-aanvraag of door het Verenigd Koninkrijk aan te wijzen via een EPO-aanvraag. Het is lid van EPO, zelfs na de Brexit, maar maakt geen deel uit van het Unitair Octrooi.

De nationale route kent relatief lage officiële taksen en kan al vroeg een onderzoeksrapport opleveren. Vanaf april 2026 vermeldt UKIPO voor een online aanvraag binnen de standaardlimieten voor conclusies en pagina’s in totaal GBP 405 aan indienings-, onderzoeks- en behandelingstaksen. De Britse kostengids maakt onderscheid tussen officiële taksen en professionele kosten.

Een directe Britse indiening kan zinvol zijn voor een onderneming in het Verenigd Koninkrijk of als bewust gekozen eerste aanvraag. De EOB-route kan efficiënter zijn als het VK deel uitmaakt van een bredere Europese strategie.

Kies het VK wanneer: klanten, investeerders, concurrenten, onderzoek of handhavingsmogelijkheden daar op zichzelf belangrijk zijn.

Dien er niet alleen in omdat: de officiële taksen laag zijn. Een goedkoop recht in een irrelevante markt blijft een irrelevant recht.

Drie voorbeelden van indieningsstrategieën

Deze voorbeelden zijn geen aanbevelingen voor een echt bedrijf. Ze laten zien hoe de zakelijke vragen de kaart veranderen.

Een B2B softwarebedrijf dat verkoopt aan Amerikaanse en Europese ondernemingen

Stel dat 70% van de verwachte omzet wordt verdeeld tussen de VS en Duitsland, Frankrijk en Nederland. Het engineeringteam bevindt zich in Amsterdam, zonder betekenisvolle Aziatische klanten of productie.

Een rationele startkaart kan prioriteit geven aan de VS en een EPO-aanvraag. Voordat de aanvraag wordt ingediend, moet het bedrijf testen of de uitvinding een octrooieerbare technische implementatie in beide systemen is en geen abstracte bedrijfsregel. China, Japan en Korea mogen niet alleen worden toegevoegd om de portefeuille een mondiale uitstraling te geven.

Een hardware-startup die in China produceert

Stel dat de startup een aangesloten industriële sensor verkoopt in de VS en Europa, terwijl contractproductie en verschillende directe concurrenten zich in China bevinden.

De strategische kaart kan de VS omvatten voor klanten en import, de EPO voor Europese kopers, en China voor productie en lokale concurrenten. Als het nieuwe kenmerk in de productstructuur ligt, kan een Chinees gebruiksmodel de moeite waard zijn om naast een patent op een uitvinding te evalueren.

China is hier geen optionele toekomstige markt. Het is de plaats waar een uitsluitingsrecht de toeleveringsketen kan onderbreken.

Een uitvinder met beperkte financiële middelen en een onzekere markt

Stel dat het prototype werkt, maar de uitvinder weet nog niet of de commerciële partner Amerikaans, Europees of Japans zal zijn.

De juiste zet is niet noodzakelijkerwijs onmiddellijk drie nationale aanvragen. Een sterke eerste indiening kan voorrang geven. Tegen maand 12 kan een PCT-aanvraag de belangrijkste opties behouden, terwijl de uitvinder de resterende internationale fase gebruikt om de vraag te testen, financiering te werven en partners te identificeren.

De PCT kost geld en schept op zichzelf geen toegekend recht. Het is waardevol als de extra beslissingstijd meer waard is dan de kosten.

Hoe de PCT het plan met elkaar verbindt

De internationale reeks heeft gewoonlijk twee beslissingspunten:

  1. Maand 0: dien een eerste aanvraag in met voldoende volledige informatie om de uitvinding te ondersteunen.
  2. Maand 12: rechtstreeks indienen in de gekozen landen, een PCT-aanvraag indienen of beide routes combineren.
  3. Maanden 30 tot en met 31: bij gebruik van de PCT alleen de nationale en regionale fasen ingaan waarvan de kosten nog gerechtvaardigd zijn.

In de WIPO nationale fasegids wordt uitgelegd dat de standaarddeadline normaal gesproken 30 maanden vanaf de prioriteitsdatum ligt, terwijl sommige bureaus latere deadlines hanteren en een klein aantal speciale regels hanteert. Deadlines moeten land per land worden bevestigd.

Die 18 extra maanden zijn geen lege wachttijden. Ze zijn bedoeld voor het verzamelen van het bewijsmateriaal dat de portefeuille bepaalt:

  • Welke markten produceerden echte vraag?
  • Waar zijn partners of licentiehouders gevestigd?
  • Welke concurrenten verschenen?
  • Heeft het internationale onderzoek schadelijke stand van de techniek blootgelegd?
  • Kan het bedrijf vertalingen, onderzoeken en verlengingen financieren?

De sterkste landenlijst is degene die korter wordt naarmate het bewijsmateriaal verbetert.

Wereldwijd zoeken, selectief aanvragen indienen

De landenkeuze bepaalt waar je bescherming aanvraagt. Ze verandert niet waar de stand van de techniek vandaan kan komen.

Een Japanse aanvraag, een Chinees gebruiksmodel, een Europese publicatie of een oud Amerikaans patent kan de nieuwheid wegnemen, ook als je nooit in dat gebied wilt indienen. Onderzoek daarom wereldwijd, ook wanneer je maar in enkele landen bescherming aanvraagt.

Hier kan Patenta al vóór de landenkeuze helpen. Beschrijf de uitvinding één keer, doorzoek meer dan 160 miljoen patentdocumenten van ruim 100 patentinstanties, bekijk waar vergelijkbare technologie en relevante concurrenten zich concentreren en neem die context mee in een eerste concept. De zoekresultaten kiezen geen landen voor je, maar vervangen aannames door concrete informatie.

Conclusie

Vraag niet: “Welke landen zijn belangrijk?”

Vraag:

  1. Waar zal de winst zijn?
  2. Waar kan een concurrent worden tegengehouden?
  3. Waar past de wet bij deze technologie?
  4. Waar zou handhaving geloofwaardig zijn?
  5. Welke rechten kan het bedrijf zich veroorloven te behouden?

Kies vervolgens de kleinste groep gebieden die een betekenisvolle strategische positie oplevert. Gebruik de PCT alleen als de extra beslistijd de kosten waard is.

Onderzoek vóór je voor zes landen betaalt eerst het wereldwijde patentlandschap in Patenta. Vind de meest relevante stand van de techniek, ontdek waar belangrijke aanvragers en technologieën zich concentreren en baseer je indieningsstrategie op bewijs in plaats van gewoonte.

Veelgestelde vragen

In welke landen moet ik mijn uitvinding patenteren?
Kijk vooral naar landen waar belangrijke klanten kopen, concurrenten actief zijn, productie of import kan worden tegengehouden en handhaving de kosten waard is. De meeste startups hebben geen bescherming in ieder mogelijk land nodig, maar in enkele gebieden waar exclusiviteit echt verschil maakt.
Bestaat er zoiets als een wereldwijd patent?
Nee. Patenten zijn territoriaal. Een PCT-aanvraag behoudt opties en coördineert het vroege internationale proces, maar wordt nooit een mondiaal patent. Om afdwingbare rechten te verkrijgen, moet de aanvrager uiteindelijk de nationale of regionale fasen ingaan en elk bureau tevreden stellen.
Geeft een Europees patent automatisch bescherming in heel Europa?
Nee. Het Europees Octrooibureau onderzoekt één Europese aanvraag, maar na verlening kiest de eigenaar waar het recht van kracht wordt. Afhankelijk van de landen kan dat via nationale validaties, een unitair octrooi voor deelnemende EU-lidstaten of een combinatie daarvan. Het VK is lid van het Europees Octrooiverdrag, maar doet niet mee aan het Unitair Octrooi.
Moet een hardwarebedrijf patent aanvragen in China?
Dat is het overwegen waard als China belangrijk is voor productie, import, verkoop of concurrenten. Een Chinees uitvindingspatent en soms een gebruiksmodel kunnen verschillende doelen dienen. De juiste keuze hangt af van het product, de gewenste bescherming en het budget.
Hoe kan een startup de kosten van internationale patenten vertragen?
Een gebruikelijke route begint met een eerste aanvraag. Binnen twaalf maanden volgen rechtstreekse aanvragen in gekozen landen, een PCT-aanvraag of een combinatie daarvan. Met de PCT kun je de meeste keuzes voor nationale en regionale fasen uitstellen tot ongeveer 30 of 31 maanden na de prioriteitsdatum. De kosten per land worden daarmee uitgesteld, niet vermeden.